Tegalalang rijstvelden Bali
Azië Bali Eiland Reizen Rondreis

8 x wat te doen in Bali?

26/09/2020

Onze reis naar Bali is alweer even geleden, namelijk augustus 2017. Maar ik ben ervan overtuigd dat mijn lijstje nog actueel is. Dit zijn de dingen die je niet mag missen tijdens je bezoek aan dit Indonesische eiland:

1. Lopen door de rijstvelden.

Als je naar Bali gaat mogen de rijstvelden natuurlijk niet ontbreken op je to-do list. 

Tegalalang rijstterrassen

In Ubud vind je de indrukwekkende Tegalalang rijstterrassen. Deze rijstvelden vind je gewoon naast een hooggelegen weg. Je kijkt vanaf boven uit over een prachtige vallei met rijstterrassen. Het is wel een toeristische attractie, dus je bent hier zeker niet alleen. Wij waren er rond 10 uur en dan is het er al erg druk.

​Je kan door de rijstvelden helemaal naar de achterkant lopen. Doe dat ook, want er is nog een stuk met rijstvelden achter het gedeelte dat je vanaf de weg ziet liggen waar je mooie foto’s kan maken. Je bent hier met het lopen tussen de rijstvelden al snel een uurtje zoet.

Jatiluwih rijstterrassen

Als je vanaf Ubud 2 uur naar het noorden rijdt, vind je daar de Jatiluwih rijstterrassen. Het is een vrij rustige weg er naartoe. Eenmaal aangekomen bij de terrassen kijk je je onze ogen uit. De Jatiluwih rijstterrassen zijn gigantisch. Je hebt hier diverse looproutes en je kan je hier dus zo lang als je wilt vermaken. Wij namen de kleine route en zelfs daar waren we al wel twee uurtjes mee bezig – maar we waren dan ook ergens van de looproute geraakt, dus het rondje werd iets groter dan gepland. Helemaal niet erg want de omgeving is prachtig. Vanuit diverse hoeken heb je uitzicht op de berg Batukau . En een groot pluspunt: we kwam hier maar heel weinig toeristen tegen. 

2. Watervallen bezoeken

Bali is niet alleen rijk aan prachtige natuur, maar ook aan watervallen. Al vanaf mijn kindertijd ben ik dol op watervallen. Hieronder zie je de watervallen die wij bezochten:

De Tegenungan waterval

Deze water ligt op een kwartiertje rijden vanaf Ubud. De waterval wordt druk bezocht door toeristen, dus als je geen foto’s wilt waar honderden toeristen op staan, kun je het beste zo vroeg mogelijk gaan. De waterval is makkelijk te bereiken door vele trappen naar beneden te lopen vanaf de parkeerplaats. Deze brede waterval stort vanaf ca. 25 meter naar beneden.

De Gitgit watervallen

In het noorden vind je een aantal watervallen, waaronder de Gitgit watervallen. Dit zijn meerdere watervallen vlakbij elkaar. Je vindt er één waterval waarvan het water vanaf ca. 40 meter hoog naar beneden valt. Iets verderop (andere parkeerplaats) vind je de Gitgit Twin waterfall. In een hoekje vallen twee identieke watervallen naar beneden in een poeltje waar je een duik kan nemen. Loop je nog iets verder door, dan vind je nog een (iets minder spectaculaire) waterval. De watervallen zijn een stuk minder toeristisch dan de Tegenungan waterval.

Jagasatru waterval

Tijdens ons 4-daags verblijf in Candidasa – een veel minder bekend/ minder toeristisch plaatsje – hebben we een scooter gehuurd. Van een koppel dat we leerden kennen in het hotel kregen we de tip om naar de Jagasatru waterval te gaan. Hij ligt heel erg verstopt, maar we hebben hem uiteindelijk (met hulp van Maps.me) toch gevonden! Het is er heerlijk rustig. Wij waren hier zelfs even alleen! Het is een waterval die van ongeveer 60 meter hoogte naar beneden stort op de rotsen. In het poeltje voor de waterval kun je staan en even een afkoelen.

3. Een vulkaan beklimmen 

Op Bali vind je diverse (actieve) vulkanen. De bekendste vulkanen zijn de Batur en Agung. Actieve vakantiegangers kunnen zich wagen aan het beklimmen van de vulkanen. De Batur is de makkelijkste klim van de twee. In 2 uur loop je naar de top. Terwijl de Agung wat moeilijker is en de tocht naar de top 4 uur duurt. Het beklimmen van de vulkanen kun je vanuit meerdere plekken doen.


Wij kozen voor het beklimmen van de vulkaan Batur en regelde dit vanuit ons hotel in Candidasa. We werden om 1:00 uur (’s nachts) opgehaald bij ons hotel om vervolgens nog 2 uur naar de vulkaan te rijden. Daar kregen we een gids toegewezen die in het donker via het bergpad meeliep – samen met nog honderden andere toeristen. Boven op de berg zocht de gids een plekje voor ons aan een tafeltje met stoeltjes en kregen we een klef broodje en een banaantje en was het wachten op de zonsopkomst. Over het algemeen is het bijna alle dagen helder en heb je een prachtig uitzicht bij zonsopkomst. Je kan de vulkaan Agung dan goed zien liggen vanaf de Batur. Wij hadden de pech dat het niet helemaal helder was, maar alsnog was het een prachtig gezicht en zeg nu eerlijk, wie wil er hier niet ten huwelijk gevraagd worden?! Ik was letterlijk in de wolken!

Tip: Bewaar de banaantjes die je krijgt als ontbijt voor de aapjes. Bij zonsopkomst komen de aapjes naar boven op de berg. Ze komen maar al te graag naar je toe als je eten voor ze hebt.

Foto

4. De cultuur beleven

Het grootste gedeelte van Bali is aanhanger van het hindoeïsme. Dit geloof kent meerdere goden. Hindoes bidden niet tot een god, maar ze vereren hun goden. Verspreid over Bali vind je wel honderden tempels die vaak opgedragen zijn aan een bepaalde god. Hier brengen ze offers voor hun god. Ook op straat vind je kleine tempeltjes en sommige mensen hebben zelfs thuis een klein heiligdom waar ze offers brengen wanneer ze dat willen. De (grote) tempels liggen vaak op sprookjesachtige plekken tussen prachtige natuur. Zeker een bezoekje waard zijn:

De Goa Lawah tempel

Ik kan je echt aanbevelen om de Goa Lawah tempel te bezoeken. Deze tempel wordt nog echt gebruikt door de bevolking zelf. Wij namen bij de tempel een gids – hier betaal je extra voor, maar dit was het zeker waard. Hij kon ons veel over de tempel vertellen. Goa Lawah is de vleermuizen tempel. In de grot waar de tempel bij is gevestigd houden zich maar liefst 7 miljoen vleermuizen schuil.

De Pura Tirta Empul

Deze Hindoeïstische tempel wordt ook wel de tempel van ‘het heilige water’ genoemd. In deze tempel kan je – in een speciale sarong die je bij de tempel kan krijgen – een ‘bad’ nemen om je spiritueel of fysiek te reinigen in de bassins waar het heilige water in stroomt. Dagelijks komen veel Balinezen hier naartoe. Het water zou kwade geesten kunnen verdrijven, voorspoed geven en reinigt je lichaam en geest.  Je kan hier, net zoals ons, ook gewoon langs de kant kijken naar dit bijzondere fenomeen.

Het waterpaleis

Het waterpaleis is een soort van grote tuin met veel water. Hier kun je leuk rondstruinen. De tempel is vooral bekend vanwege de Koi karper vijver met loopstenen. Mooi voor de foto’s, maar verder niet heel erg bijzonder. We hadden het dan ook snel gezien.

De Goa Lawah tempel
Waterpaleis

Ook bezochten wij nog:

  • Tanah Lot: één van de bekendste tempels van Bali is de Tanah Lot, de tempel van het water. Deze tempel ligt op een rots in het water. Je kan als toerist niet naar de tempel toe, maar de bijzondere ligging maakt het wel een spectaculaire tempel om te zien. Het is er ook gigantisch druk.
  • Ulun Danu Bratan: deze tempel ligt in het noorden van het land en ligt aan de oever van het heilige kratermeer Bratan. Vanwege de hoge ligging van tempel tussen de bergen kan de tempel nog wel eens door mist worden omgeven. Dit zorgt voor een extra mysterieuze sfeer.
  • Gnung Kawi: Mooi gelegen, maar jammer dat we geen gids hadden die iets meer over de tempel kon vertellen.
  • Goa Gajah (olifantengrot): Ook weer prachtig gelegen, maar ook hier hebben we zonder gids rondgelopen. 

5. Een scooter huren

Het ultieme gevoel van vrijheid ervaar je op een scooter tussen het verkeer. Het is bijzonder wat je allemaal naast je ziet rijden. In Bali zie je complete gezinnen op een scooter of er komt ineens iemand voorbij met een heleboel (dode) kippen.​ Niets is te gek.

Wij huurden in Candidasa een scooter en hebben een stuk van het oosten van Bali per scooter verkend. Het is hier een stuk rustiger dan in het westen van het land. Huur een scooter en rijd gewoon zonder plan en zie waar je uitkomt. Zo ontdek je misschien wel mooie verborgen plekjes. Het is handig om van tevoren te weten is dat ze in Bali links rijden. Het is in het begin misschien een beetje gek, maar het went snel. Officieel moet je in Bali een internationaal rijbewijs hebben. De kans bestaat dat als ze je aanhouden dat je een boete moet betalen, maar dat hadden we er graag voor over. (Dit is niet gebeurd, gelukkig).

6. Genieten van de Balinese keuken

Wij zijn gek op eten en we houden ervan om (nieuwe) dingen te proeven en proberen. Het is fantastisch om je volledig onder te dompelen in een andere cultuur en de keuken van het land uit te proberen. Ik ben echt fan van het lekker gekruide Balinese eten; Nasi Goreng en soto soup zijn wel echte favorieten. Je kan op diverse plekken eventueel ook een kookcursus volgen. 

7. Zwemmen in de mooiste zwembaden

Bali is prachtig. Het is er paradijselijk mooi. ​Voor een kleine prijs slaap je al in de mooiste hotels. Zo hadden wij in Candidasa een prachtig hotel waarbij het meubilair op het een balkon was gemaakt van bamboe en hadden we een buitendouche. Het zwembad inclusief bubbelbad was ook prachtig. Deze werd volledig omgeven door grote palmen.
Tip: Kies op zijn minst één hotel uit om gewoon te genieten van de accommodatie. Genoeg keuze (en het hoeft dus helemaal niet duur te zijn)!

8. Bezoek de Balinese eilanden

Bij Bali hoort nog een klein eilanden groepje, de Nusa’s. Er zijn mensen die zeggen dat je hier nog het authentieke Bali vindt. Je bereikt deze eilandjes met de boot. Dit moet je van tevoren boeken. Wij regelde dit via het hotel in Sanur. Sanur is de havenplaats waar de boten vertrekken.  Je vaart dwars over de zee, dus het kan een beetje een ‘bumpy ride’ zijn. Het duurt circa 1,5 uur om op Nusa Lembogan te komen. Helaas konden wij niet langer op dan 1 nacht op Nusa Lemboganen verblijven – omdat onze vakantie bijna om was – en dat is eigenlijk veel te kort.

Op de Nusa eilanden rijden geen auto’s. Er rijden slechts een paar karretjes die je naar je hotel brengen. Als je het eiland wil verkennen kun je wel een scooter huren. Via de gele brug kun je van Nusa Lembogan naar Nusa Penida rijden. Dit eiland staat bekend om haar prachtige stranden, natural pools en kliffen waar je het zeewater omhoog moet kunnen zien spatten. Wij hadden maar één dag en die hebben we besteed aan een snorkeltour op Nusa Lembogan.  Deze tour hebben we direct bij aankomst (rond 13:00 uur) geboekt. Je gaat met een klein vissersbootje naar diverse baaitjes waar je prachtig kan snorkelen en/of duiken. De zee was wel ruig op dat moment dus het bootje ging soms flink op en neer, maar het snorkelen was erg mooi en zeker een aanrader. Wij zijn verliefd geworden op Bali en hebben nog lang niet alles gezien en gedaan, dus wij komen zeker nog eens terug!

Wil je meer lezen? Lees mijn reisverslagen van Bali of lees een van de andere reisblogs. En laat me vooral weten of je iets aan mijn tips hebt gehad.

No Comments

    Leave a Reply